IJs- en patisseriewinkel W’iis op de Zijl van start

De droom van Wiebe de Jong om een eigen ijs- en patisseriewinkel te openen, wordt halverwege december werkelijkheid. In het prachtige pand op de Dijk / De Zijl laat Wiebe straks zijn ambachtelijke proces van ijsbereiden en patisserie zien. Bij W’iis kun je straks terecht voor een ijsje, ijstaart, bonbons en nog veel meer lekkers.

Horeca achtergrond
Wiebe komt uit de horeca, hij heeft na zijn koksopleiding in verschillende restaurants in Nederland en België gewerkt. Ook in sterrenrestaurants deed Wiebe veel ervaring op: “Een keiharde en goeie leerschool!” Tijdens zijn horecaperiode ontdekte Wiebe hoe boeiend hij de patisserie vond. Hij raakte steeds meer geïnteresseerd in dit ambachtelijke vak en werkte vervolgens ruim zes jaar als chef-patisserie. In 2017 begon Wiebe, naast zijn werk, een eigen bedrijf wat hij steeds verder ontwikkelde: naast zijn passie voor patisserie ontstond een nieuwe passie: ambachtelijk ijsbereiden.

Erkend ijsbereider
“De materie rondom het bereiden van ijs is zo interessant, het is bijna scheikunde wat alle losse elementen met elkaar doen”, vertelt Wiebe die in 2019 de opleiding tot erkend ijsbereider in Italië, hét land van de ijsjes, volgde. Vrij snel na deze opleiding deed Wiebe mee aan het Nederlands kampioenschap ijsbereiden en werd daarna uitgenodigd voor het Europese kampioenschap in Rome. “Wat een ervaring was dat in Rome. En nu mag ik mij de nummer 84 van de wereld noemen.”

Van unit naar winkel
De afgelopen periode werkte Wiebe vanuit een unit op het erf van zijn schoonouders, die hij ombouwde tot productieruimte. “Ik kocht een ijsmachine en maak nu ambachtelijk ijs wat ik voornamelijk aan de horeca lever. Doordat de horeca momenteel dicht is, lever ik via mijn website ook aan particulieren”, vertelt Wiebe. “In de zomerperiode toen het zo druk was in Dokkum deed ik ook wat freelance werk bij de horeca. We moeten elkaar een beetje helpen, vind ik!” En zo zag hij ook dat het prachtige pand op de Dijk vrijkwam. “De droom van een eigen ijs- en patisseriewinkel kwam weer naar boven borrelen. Deze plek én de indeling van het pand zijn perfect voor het verwezenlijken mijn droom.”

Ambacht en winkel
Wiebe nam contact op met de eigenaar van het leegstaande pand en besloot om zijn droom achterna te gaan. “Achterin het pand komt de productieruimte met een extra ijsmachine, meerdere werkbanken en een koelruimte. Ik wil de mensen graag het ambachtelijke productieproces laten zien, dat kan hier perfect. Aan de voorkant van het pand, in de winkel, komt een lange vitrine waar ruimte is voor veertien verschillende smaken ijs. In de winter wordt een deel van die vitrine voor ijstaarten en ijspetitfourtjes gebruikt. Ook komt er nog een aparte vitrine voor de patisserieproducten als bonbons, gebakjes en taartjes.

Voorbereidingen in volle gang
De komende weken staan in het teken van voorbereiden op de opening van W’iis halverwege december. Zo heeft Wiebe al contacten gelegd met een boer uit de omgeving die de melk voor zijn ijs gaat leveren. “Ik ben zelf op het platteland opgegroeid en vind het mooi wanneer de basis van mijn ijs dan hier uit de omgeving komt. Ook is er een samenwerking met een boer die mij A2-melk gaat leveren: speciaal voor mensen met een koemelkallergie komen er twee ijssmaken gemaakt van schapenmelk.” Binnenkort verschijnen de ijstaarten alvast op de website van W’iis: “Dan kunnen die alvast voor de kerst besteld worden”, lacht Wiebe. Hij kijkt uit naar de komende periode, “Ik wil altijd bijleren en vernieuwen en vooral lekker mijn eigen ding doen!”

Artisante an den Syl: klassiek met un berenburgje

Naast het karakteristieke hoekpand aan de Diepswal, met door de eeuwen heen vele bijzondere bijwoners, bestaat Stadscafé Artisante sinds 2017 uit een tweede, aangrenzend pand aan de Hoogstraat 2, waarvan wij eerder beschreven dat daar ooit het oudste raadhuis van Dokkum gevestigd was.

In het voorjaar van 1963 kochten vader Klaas en zoon Gooitzen Sjoerdsma dit pand in de Hoogstraat van de gebroeders Mellema. Het winkelpand werd grondig aangepakt en verbouwd, maar toen de winkelruimte nog steeds wat krap leek voor de toekomst kwam iemand op het idee halverwege een kelder te maken met een verdieping erboven. Naast drie afdelingen elektronica en had men beneden in de ‘Platenkelder’ keuze uit duizenden grammofoonplaten, waarvoor speciale luisterboxen voor klassieke en religieuze muziek werden ingericht. Gooitzen Sjoerdsma weet nog: ‘Der wie sa in skoallemaster dy siet yn’e boks te lústerjen en ik de kop om’e hoeke fan’e doar: ‘Wel meester, wol’t in bytsje?’ Hij sei: ‘Prima, mar der mankeart ien ding oan…’ Ik sei: ‘Wat dan?’ Hy wer: ‘In Berenburgje!’ Dat ik nei boven om in Berenburgje; no doe wie’t hielendal gesellich yn’e boks!’

Zo nu en dan had Sjoerdsma stunts om de verkoop te promoten; zoals bij de opruiming in 1968, toen er voor een hardgekookt ei in een platenzak een transistorradio verkregen kon worden of een radio in ruil voor een paraplu met het Sjoerdsma-logo: ‘Sa fûnen wy fanalles út. Dat binne allegearre dingen, dat werkt hjoed-de-dei net mear, mar doe wol! Wy hawwe ek wol optredens hân fan artiesten yn’e Heechstrjitte, dan koe der net in auto mear troch…’ De Sjoerdsma’s verkochten hun muziekwinkel in augustus 1990 met inventaris en al aan de platenwinkels-keten Kenta. Dat was precies op tijd, want vier jaar later stortte de hele handel in door het internet en was het gebeurd met CD’s en platen.

UN NIJ GELÚD
Volgens veel jongeren stelde de horeca in Dokkum niet veel voor; daar werd over gemord, maar er was nooit iemand die er echt iets aan deed. Nooit eens wat anders! Ido Pranger zocht destijds contact met Sander Wijnstra, die met zijn Interieurcafé Artisante bij Pilat & Pilat in Twijzel zat, verder nog niet met de intentie om weer gericht iets aan horeca in Dokkum te gaan doen. Er werd een afspraak gemaakt met een makelaar om een pandje te bekijken, maar dat was niet geschikt. De makelaar wist echter dat het hoekpand bij De Zijl ook te koop stond.

Met huurster Jolanda van der Meij van Mikaza werd een deal gemaakt om tot na de Kerst van 2013 te blijven zitten en dan een nieuwe plek te zoeken. Het interieur en de meeste omstandigheden zoals ze nu zijn, werden gecreëerd op het moment dat men tijdens de verbouw aan de slag ging. De kelder werd dieper uitgegraven om aan de eisen van een moderne keuken te voldoen. Daarbij werden verschillende oude bouwsporen en littekens van het pand ontdekt, zoals vroegere doorgangen, een trapje vanuit het oude middenpand naar het steegje achter, een waterput of zelfs een fraaie 17e-eeuwse steengoed doofpot. Veel van die oude elementen, muren, planken, kozijnen en doorgangen zijn in hun ruwe, originele staat gehandhaafd, waardoor de zaak een geheel eigen en authentiek karakter kreeg, op moderne wijze aangekleed met meubels en accessoires.

UN TWEEDE PAND
Al vrij snel na de opening in de zomer van 2014 zette ‘buurman’ Eric Kooistra druk op een eventuele overname van het buurpand Hoogstraat 2. Hij had vergunningen gekregen om er appartementen in te bouwen, maar zag dat niet zitten met een kroeg naast de deur. Kooistra bood zijn pand te koop aan en de ondernemers waren er vrij snel met elkaar uit. De bovenwoning heeft nog een paar jaar leeg gestaan, voor de onderin gevestigde Wereldwinkel werd een goede oplossing gevonden en pas eind 2016 werd begonnen met een verbouwing. Vooral de keuken kon nu verder uitgegraven en behoorlijk uitgebreid worden. In juni 2017 werd het tweede, noordelijke deel van het Stadscafé geopend.

De indeling van het dubbele Artisante-pand is soms een nadeel: als iemand boven zit te eten, heeft hij vaak niet in de gaten dat het beneden ook heel druk is of dat er twintig gasten zitten en achter de schuifdeuren ook nog eens dertig. Groter worden bracht Artisante dus nieuwe uitdagingen. Ido Pranger: ‘Er is vaak discussie over kwaliteit in de horeca, maar kwaliteit is niet alleen of je stukje vlees goed smaakt, maar onder andere ook, dat je eten binnen afzienbare tijd op tafel staat: hoe kun je je organisatie zo veranderen dat je wel grotere aantallen aankunt, maar ook nog steeds dat extraatje en die goede kwaliteit kunt geven. Dat is een voortdurende uitdaging, waar we bij Artisante steeds mee bezig zijn!’ Momenteel spelen in de horeca door de coronapandemie hele andere uitdagingen, waar hopelijk spoedig een eind aan komt, zodat ‘Artisante an de Syl’ weer de plek is waar mensen elkaar gezellig kunnen ontmoeten.

door Warner B. Banga & Piet de Haan

Samenvoeging en nieuwbouw scholen Dokkum op komst


De gemeente Noardeast Fryslân kiest er voor om de komende jaren flink te investeren in nieuwbouw en samenvoeging van scholen. In plannen van de gemeente kan dit door CBS De Regenboog en CBS De Bron samen te voegen in één schoolgebouw en CBS Hoeksteen en Nynke van Hichtum in hetzelfde gebouw op te laten gaan. CBS De Pionier kan rekenen op nieuwbouw in 2022, waar minstens 1,5 miljoen euro voor nodig is. Dit alles blijkt uit de financiële doorrekening bij de begroting voor 2021 van de gemeente, die door de gemeenteraad werd behandeld.

Miljoenen
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de huisvesting van scholen in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs. Voor de financiering hiervan krijgen zij jaarlijks een bijdrage uit het Gemeentefonds. CBS De Pionier Dokkum is als eerste school aan de beurt. De gemeente heeft vervangende nieuwbouw gepland in 2022 en ruim € 1.552.615 gereserveerd. Ook voor OBS Burgerschool Dokkum is vervangende nieuwbouw gepland. Voor deze school is een miljoen euro meer beschikbaar en staat meer dan €2,5 miljoen euro in de boeken. Het grootste gedeelte van het budget gaat echter op aan het middelbare onderwijs. Voor Piter Jelles & Dockinga College te Dokkum is vervangende nieuwbouw gepland voor 2023, waarbij gerekend met bedragen tussen€ 17.500.000 en € 26.495.000.

Samenvoegingen in 2023
Bonifatiusschool Dokkum kan rekenen op vervangende nieuwbouw voor 2024. In dat jaar komt ook gezamenlijke vervangende nieuwbouw van CBS De Regenboog en CBS de Bron aan de orde (ruim €3 miljoen euro), evenals de gezamenlijke vervangende nieuwbouw van CBS De Hoeksteen en Nynke van Hichtum aan de orde (bijna €3 miljoen euro). In de financiële doorrekening van het IHP (Integraal Huisvestingsplan
basisonderwijs Noardeast-Fryslân) zijn de plannen zoals ze nu in het IHP opgenomen zijn, doorgerekend. Dit plan werd eerder door de gemeenteraad vastgesteld.

Raadsvoorstel
De komende tijd gaat de gemeente verder in gesprek met de schoolbesturen over de nieuwbouwplannen die in het IHP staan. Op basis van die gesprekken wordt er in 2021 een raadsvoorstel voorgelegd met nog een derde scenario, waarbij de mogelijkheden voor clustering en samenwerking tussen scholen (financieel) nader zijn uitgewerkt. Met dit raadsvoorstel wil het college keuzes voorleggen voor de (nieuwbouw-) plannen van het onderwijs, waarbij ook de financiële consequenties voor de eerstvolgende vier jaar helder zijn.

Scholenpark
Tijdens de begrotingsvergadering werd door de raad ook akkoord gegaan met een bijdrage van €100.000,- voor een onderzoek naar een scholenpark in Dokkum. De insteek is dat er verschillende gebouwen met verschillende functies geclusterd worden op één terrein. In ieder geval de volgende schoolbesturen willen meedenken en zijn (mogelijk) geïnteresseerd in huisvesting op het scholenpark: voortgezet onderwijs: Dockinga College, OVO Fryslân-Noord (voorheen Piter Jelles) en vanuit het primair onderwijs: Roobol, BMS onderwijs, Arlanta. Met deze partijen worden de huisvestingsplannen voor deze campus nu nader onderzocht.

Lions zamelen cadeautjes in voor Voedselbank

Van zaterdag 14 t/m 21 november worden onderaan de Hoogstraat in het Glazanhuis (nieuwe) cadeautjes ingezameld voor kinderen van ouders die zijn aangewezen op de voedselbank. Om het Glazenhuis officieel te openen doneerden kinderburgemeester Marije Adema en burgemeester Johannes Kramer vrijdagmiddag 13 november het eerste cadeautje. Dit initiatief is afkomstig van de Lions Noordoost Friesland als alternatief voor het jaarlijks terugkerende Glazenhuis van Sinterklaas.

Cadeautjes en doneren
Vanaf zaterdag 14 november staat het Glazenhuis op het terras van Stadscafé Artisante waar – gedurende de openingstijden van de winkels – cadeautjes gebracht kunnen worden. Tevens is er aan de voorkant van het Glazenhuis ook een mogelijkheid om geld te doneren, waarvan nieuwe cadeautjes gekocht worden door de Lions. Doneren gaat via het scannen van een QR-code die ook op verschillende posters in de stad te vinden is. Doneren kan eenvoudig via de website van de Lions: www.lionsnof.nl.

Glazenhuis van Sinterklaas
De afgelopen jaren was het een begrip in de Sinterklaastijd: het Glazenhuis van Sinterklaas midden op de Zijl. Via verschillende vertrouwde onderdelen als het Pietenparcours, het Hulppiet-diploma, een draaiend rad, ponyrijden en een bezoek van Sinterklaas en zijn pieten, werden veel nieuwe cadeaus ingezameld voor het goede doel. De Lions deelden de ingezamelde cadeaus in op leeftijdscategorie, dat wordt nu van de mensen zelf gevraagd: voorzie de ingeleverde cadeau’s graag van ‘jongen/meisje’ en voor welke leeftijd het geschikt is.

Lionsclub Noordoost Friesland
Lions zijn mensen die zich belangeloos inzetten om lokaal en wereldwijd anderen te helpen die hulp nodig hebben. Interesse in de samenleving, de wil om de handen uit de mouwen te steken en de mogelijkheid om belangeloos tijd te geven aan de inzet voor anderen, dat zijn de belangrijkste eigenschappen van een Lion. De Lionsclub Noordoost Friesland is een jonge en actieve club van rond de dertig leden.

Woningbouw blijft in beeld op Prinsterrein


In het voorlopig concept van de nieuwe woonvisie van de gemeente Noardeast-Fryslân staat dat voor een aantal gebieden langs de Dokkumer Ee, waaronder ook de Prinslocatie, wordt onderzocht of deze ook in aanmerking kunnen komen voor woningbouw. Dat standpunt had de gemeente zes jaar geleden overigens ook. Sinds er leegstand is op de Prinslocatie heeft de gemeente met regelmaat gesprekken met de eigenaar van de locatie.

Het komt bijna elke editie van het Dokkumer Vragenuurtje op deze website wel aan de orde: het Prinsterrein aan de Dokkumer Ee. Op de vraag ‘welk plekje in Dokkum direct moet worden aangepakt om de stad mooier te maken?’, geven veel Dokkumers aan dat het Prinsterrein toe is aan een opknapbeurt. De Prinsgronden zijn aangewezen als herstructuringsgebied. Dit moet uiteindelijk leiden tot een verhoging van de ruimtelijke kwaliteit en moeten de gronden een volwaardig onderdeel worden van Dokkum. Waarom de herstructurering nog niet van de grond komt, legt de gemeente uit:

Initieert de gemeente zelf ook zaken om de herstructurering van het terrein van de grond te krijgen?
De gronden zijn niet van de gemeente. Het initiatief voor de herstructurering ligt in eerste instantie bij de eigenaar van de gronden en gebouwen zelf. Wel ziet de gemeente toe op de ruimtelijke inrichting van gebieden die liggen binnen de gemeentegrenzen. De gemeenteraad is verantwoordelijk voor het vaststellen van nieuwe bestemmingsplannen. Als de Prinslocatie geherstructureerd wordt, zal er eerst ook een nieuw bestemmingsplan door de gemeente moeten worden vastgesteld. Daarbij moet gekeken worden naar gemeentelijk ruimtelijke beleid. In dat beleid wordt aangegeven dat het gebied waar de Dokkumer Ee de stad binnenkomt opgewaardeerd moeten worden.

Een aantal jaren geleden heeft de gemeente samen met de eigenaar en deskundigen een aantal Nije Pleats bijeenkomsten georganiseerd. De uitkomst daarvan was een schetsplan waarin verschillende deelgebieden binnen de Prinslocatie op elkaar moeten zijn afgestemd. Uitgangspunt is dat het terrein openbaar toegankelijk wordt en dat de bestaande fabriek en het verzinkerijgebouw een nieuwe invulling krijgen. Daarmee wordt het “industrieel erfgoed” behouden. In het nieuwe bestemmingsplan dat geldt voor heel Dokkum zijn deze gebouwen inmiddels aangemerkt als karakteristiek. Ook heeft de gemeente al eerder onderzoeken laten uitvoeren om daarmee bijvoorbeeld meer zicht te krijgen welke functies er op het Prinsterrein inpasbaar zijn.

Heeft de gemeente onlangs nog bij de provincie aangedrongen op een gezamenlijke aanpak?
De herstructurering van de Prinslocatie is niet eenvoudig. En aan de structurering van de hele locatie zijn hoge kosten verbonden. Ook ligt het terrein deels binnen de milieu contouren van de omliggende bedrijven. In het verleden heeft de gemeente wel gesproken met de provincie over de herstructurering van de Prinsgronden. Toen is ook gesproken over de vraag of deze locatie eventueel in aanmerking zou kunnen komen voor een provinciale bijdrage van de herstructureringskosten. Toen is de afspraak gemaakt dat er met de direct betrokken partijen een integrale schets moet worden gemaakt. Vervolgens moeten op het moment dat er concrete plannen liggen deze plannen eerst worden doorgerekend waaruit dan blijkt hoe hoog de herstructureringskosten zijn. Wanneer deze zaken in beeld zijn gebracht zou opnieuw overleg met de provincie volgen.

Is er onlangs nog overleg geweest met de NOM over het terrein?
De NOM (Investerings- en ontwikkelingsmaatschappij voor Noord-Nederland met als doelstelling het versterken van de economie in Noord-Nederland, red.) heeft geen belang meer op de Prinslocatie en is er dus niet meer bij betrokken.

Klopt het dat er een geïnteresseerde partij is geweest die zich op het Prinsterrein wilde vestigen? Waarom heeft het betreffende bedrijf uiteindelijk niet de mogelijkheid gekregen om zich hier te vestigen?
Initiatiefnemers die zich willen vestigen op de Prinsgronden gaan eerst in gesprek met de eigenaar. De gemeente is daardoor niet van alle initiatieven en alle details op de hoogte. Wanneer zich initiatieven aandienen worden deze getoetst aan het huidige bestemmingsplan en aan het gemeentelijke ruimtelijke beleid. Tot nu heeft dat nog niet geleid tot een concreet plan.


Foto: Prinsgebouw in 2016